Toegang van assistentiehonden tot voor het publiek toegankelijke plaatsen

Assistentiehonden die personen met een handicap begeleiden, hebben onder bepaalde voorwaarden vrij toegang tot voor het publiek toegankelijke plaatsen.

Waarover gaat het? 

Bepaalde personen worden begeleid bij hun verplaatsingen en dagelijkse activiteiten door een hond die speciaal wordt afgericht voor deze rol. Het gaat bijvoorbeeld om de volgende personen:

  • blinden;
  • doven of slechthorenden;
  • personen die aan epilepsie lijden;
  • personen met een motorische handicap.

Deze personen moeten boodschappen kunnen doen, zich ontspannen, sporten, zich verzorgen, naar het restaurant gaan, zelfstandig zijn zonder dat de assistentiehond een belemmering is voor hun bewegingsvrijheid. Assistentiehonden hebben dus vrije toegang tot voor het publiek toegankelijke plaatsen, op voorwaarde dat ze getraind zijn door een erkende instructeur.

Genieten van recht op toegang

Om van het recht op toegang te kunnen genieten, moeten assistentiehonden:

  • afgericht zijn of nog afgericht worden door een instructeur erkend door de GGC;
  • identificeerbaar zijn aan de hand van een identiteitsdocument bezorgd door de instructeur.

De toegang kan echter geweigerd worden:

  • om redenen van hygiëne, volksgezondheid of veiligheid;
  • omdat een behoorlijke inrichting niet mogelijk is;
  • krachtens een andersluidende wettelijke of reglementaire bepaling.

Wie zich tekort gedaan voelt wegens niet-naleving van deze bepalingen, kan klacht indienen bij de diensten van de Administratie van de GGC.

Delen